Onze organisatie
De Protestantse Kerk Utrecht bestaat uit tien wijkgemeenten, verspreid over de stad. Daar gebeurt het kerkelijk leven: in de vieringen, het pastoraat en het diaconale werk in de buurt.
De wijkgemeenten
Elke wijkgemeente heeft een eigen wijkkerkenraad, een wijkraad van kerkrentmeesters en een wijkdiaconie. Vanuit de wijkgemeenten worden leden afgevaardigd naar de stedelijke colleges, zodat elke gemeente meebeslist over het geheel.
De stedelijke colleges
Op stedelijk niveau zijn er drie colleges:
- De Algemene Kerkenraad Groot (AKG) – het overkoepelende bestuur, waarin het College van Kerkrentmeesters, de Diaconie en de Algemene Kerkenraad Klein samenkomen. Elke wijkgemeente vaardigt twee leden af naar de AKG.
- Het College van Kerkrentmeesters (CvK) – verantwoordelijk voor de financiën, gebouwen en het beheer.
- Het College van Diakenen – in Utrecht bekend als de Protestantse Diaconie Utrecht. Zij zetten zich in voor mensen in de stad die steun kunnen gebruiken.
De Algemene Kerkenraad Klein (AKK) vormt het dagelijks bestuur. De AKK voert het beleid uit en bereidt de vergaderingen van de AKG, het CvK en de Diaconie voor. Deze leden zijn rechtstreeks gekozen voor hun stedelijke ambt, niet afgevaardigd vanuit een wijkgemeente.
Onze predikanten
Alle predikanten van de Protestantse Kerk Utrecht vormen samen het Collegiaal Beraad. De predikanten die deel uitmaken van de AKG onderhouden het contact tussen beide. Eenmaal per jaar is het Collegiaal Beraad te gast bij een AKG-vergadering.
Het kerkelijk bureau
Het centrale kerkelijk bureau ondersteunt de colleges op bestuurlijk, secretarieel en financieel gebied en bij het beheer van de gebouwen. Het bureau staat onder leiding van de directeur van de Protestantse Kerk Utrecht en werkt ook voor de Protestantse Diaconie Utrecht.
Vergaderingen en regels
De AKG en het CvK vergaderen ieder vijf keer per jaar. De Diaconie komt twee keer per jaar regulier bijeen en organiseert daarnaast drie inspiratieavonden. De AKK vergadert maandelijks.
De precieze werkwijze en bevoegdheden van de colleges zijn vastgelegd in de
plaatselijke regeling.